Blog

Oud worden: een kunst?

Geschreven door Pieter de Vos. Gepost in Algemeen Nieuws.

oud wordenOp zich is leven heel basaal: iedereen kan het. Er is geen kunst aan. Ze zeggen wel, dat je erin 'geworpen wordt'. Je moet wel. En de een vindt dat meer prima dan de ander. De meesten in onze Westerse wereld kunnen aardig met het leven uit de voeten. Er is wel eens wat; waar niet? Of je doet het er gewoon mee. Leven is geen kunst; de gewoonste zaak van de wereld. De wereld barst van het leven. Ook dat is geen kunst. Dat is  gewoon het leven zelf. Het gewone fysieke leven is gewoon bijzonder. Het is niet uitzonderlijk; het is geen kunst, het is leven. Je hoeft het alleen maar te doen. Dat is al bijzonder genoeg. En dan word je ouder. Het leven kan niet zonder ouder worden, al noemen we het misschien liever veranderen, groeien.

Het woord stofwisseling is ook best treffend. Je hoeft er allemaal niks voor te doen. Geen kunst. Gewoon doorgaan met ademhalen. En op een gegeven moment ben je het: oud. Daar is geen vaste leeftijd voor. Niemand kan zeggen wat oud zijn voor jou inhoudt. Dus eigenlijk is het een woord van niks. Jouw leven neemt jouw eigen vorm van oud zijn. Ouder worden is niet een menu à la carte. Je kunt je eigen elementen van aftakelen niet kiezen. Daar ga jij niet over. Dat voelt als erg oneerlijk. De antiverouderingsindustrie draait op volle toeren, met de onterechte suggestie dat daar een gevecht te winnen is. Als je maar dit smeert…, als je maar dat tussen de oren…, als je maar meedoet en je jong voelt… Dus niet.
Op een gegeven moment zit je op je favoriete (rol-)stoel en dan ben je het. Wat gaat er in je koppie om? Wat heb je voor ogen? Zit je voor een raam kwetsbaar te zijn? Zijn die heldere kleuren aan je besteed? Uitzicht? Van het roken van een lekker sigaartje heb je alleen het gebaar nog over. Smaakt het goed? Of staat die hand nog naar een borreltje voor het slapen gaan? Komt er zo dadelijk iemand binnen? Iemand om je te wassen? Iemand die nog naar je luistert? Wat heb je achter je rug? Heb je iemand die je duwt? En je denkt nog eens aan die kerk, waar je bij hoort; daar deden ze veel aan het leven en zijn impact. Je hebt (daar) van het leven en van een 'Vader van het leven' leren zingen (Lied 823). Jij, in je rolstoel, jij op die fragiele pootjes, zit er toch maar goed bij. Of is het nog erg wennen, omdat het voor het eerst is?
Jan Anne Bos