Kerkdienst

zondag 30 januari 2022
Aanvang: 10:00 uur
Dienst: Kerkdienst
Voorganger: Ds. Birke Rapp
Locatie: De Morgenster

Collectebestemming: Kerk, Diaconie,


Downloaden audioDownloaden video

Kerkdienst

Roeping aan het meer.

In deze dienst gaat het over de roeping van de eerste discipelen. Maar wat is roeping? Terwijl de eerste discipelen in de roepingsverhalen van Matteüs en Marcus blijkbaar zonder aarzeling alles achter zich laten en Jezus volgen, bouwt Lucas zijn verhaal anders op. De roeping heeft daar wat meer voeten in de aarde en Petrus sputtert tegen. Het is dus niet vanzelfsprekend om meteen gehoor te geven aan je roeping. Ik wil hierover nadenken aan de hand van een glas-in-lood kunstwerk, dat Otto Dix in het jaar 1959 voor een kerk aan het Bodenmeer heeft gemaakt. Het is interessant hoe hij de roeping van Petrus uitbeeldt en in welke context hij dat doet. Thema: Roeping aan het meer.

Birke Rapp.

De collecte is vandaag bestemd voor Kerk en Diaconie.
De opbrengst wordt tussen deze bestemmingen verdeeld.
U kunt uw bijdrage overmaken naar Gereformeerde Kerk Papendrecht, NL18 INGB 0000 6546 40 o.v.v. collecte 30 januari 2022.
Dit kan via deze link of door de QR code te scannen:


 

LITURGIE 
  
Voorganger:ds. Birke Rapp
Organist:Geert Ouweneel
M.m.v.:Christel de Bruijn en Robert van den Bos (zang) en André Vogel (piano)
Lector:Jolijn van Eersel

 

VOORBEREIDING

Welkomstwoord door ouderling

Stilte voor persoonlijke voorbereiding

Lied van verstilling: Lied 117d (1e keer zangers; 2e keer allen)
 
Bemoediging en groet
v.:   Ons begin is in de naam van de levende God
g.:   die liefde is en grond van ons bestaan
v.:   die genadig is en ruimte geeft
g.:   die ons verlicht en draagt.

v.:   Vrede zij u.
a.:   De wereld zij vrede. Amen

Aanvangslied: Lied 98,1.3

Gebed om ontferming
… zo bidden en zingen wij: (lied 301k) (I zangers; II allen)
v.: … door Jezus Christus onze Heer.
g.: Amen.

Loflied: Lied 975,1.2

ROND HET WOORD

Gesprek met de kinderen

Gebed van de zondag

Lezing: Jona 1,1-5.10-15

1Eens richtte de HEER zich tot Jona, de zoon van Amittai: 2‘Maak je gereed en ga naar Nineve, die grote stad, om haar aan te klagen, want het kwaad dat ze daar doen is ten hemel schreiend.’ 3En Jona maakte zich gereed, maar vluchtte naar Tarsis, weg van de HEER. Hij ging naar Jafo en vond er een schip met bestemming Tarsis. Hij betaalde de overtocht en ging aan boord om mee te varen naar Tarsis, weg van de HEER.4Maar de HEER wierp een hevige storm op de zee, en de zee werd zo wild dat het schip dreigde te breken. 5De zeelieden werden bang, en ieder riep tot zijn eigen god om hulp. Ook gooiden ze, om het gevaar af te wenden, de lading in zee. Maar Jona was in het ruim van het schip afgedaald, was daar gaan liggen en in een diepe slaap gevallen.

10De mannen werden doodsbang, en toen ze van hem hoorden dat hij was weggevlucht van de HEER, zeiden ze tegen hem: ‘Hoe heb je dat kunnen doen?’ 11En ze vroegen hem: ‘Wat moeten we met je doen, dat de zee ons met rust laat?’ Want de zee werd hoe langer hoe onstuimiger. 12Hij antwoordde: ‘Gooi me in zee, dan zal de zee jullie met rust laten. Want ik weet dat het mijn schuld is dat deze storm zo tegen jullie tekeergaat.’ 13Maar de mannen roeiden uit alle macht om weer aan land te komen; dat lukte hun echter niet, want de zee ging steeds onstuimiger tegen hen tekeer. 14Toen riepen ze tot de HEER: ‘Ach HEER, laat ons toch niet vergaan als wij het leven van deze man opofferen. Reken het ons niet aan als hier een onschuldige sterft. U bent de HEER, al wat u wilt dat doet u!’ 15Toen tilden ze Jona op en gooiden hem in zee, en de woede van de zee bedaarde.

Zingen: Lied 178,1.2.3

Lezing: Lucas 5,1-11

1Toen hij eens aan de oever van het Meer van Gennesaret stond en het volk zich om hem verdrong om naar het woord van God te luisteren, 2zag hij twee boten aan de oever van het meer liggen; de vissers waren eruit gestapt, ze waren bezig de netten te spoelen. 3Hij stapte in een van de boten, die van Simon was, en vroeg hem een eindje van het land weg te varen; hij ging zitten en gaf de menigte onderricht vanuit de boot. 4Toen hij was opgehouden met spreken, zei hij tegen Simon: ‘Vaar naar diep water en gooi jullie netten uit om vis te vangen.’ 5Simon antwoordde: ‘Meester, de hele nacht hebben we ons ingespannen en niets gevangen. Maar als u het zegt, zal ik de netten uitwerpen.’
6En toen ze dat gedaan hadden, zwom er zo’n enorme school vissen in de netten dat die dreigden te scheuren. 7Ze gebaarden naar de mannen in de andere boot dat die hen moesten komen helpen; nadat dezen bij hen waren gekomen, vulden ze de beide boten met zo veel vis dat ze bijna zonken. 8Toen Simon Petrus dat zag, viel hij op zijn knieën voor Jezus neer en zei: ‘Ga weg van mij, Heer, want ik ben een zondig mens.’ 9Hij was verbijsterd, net als allen die bij hem waren, over de enorme hoeveelheid vis die ze gevangen hadden; 10zo verging het ook Jakobus en Johannes, de zonen van Zebedeüs, die met Simon samenwerkten. Jezus zei tegen Simon: ‘Wees niet bang, voortaan zul je mensen vangen.’
11En nadat ze de boten aan land hadden gebracht, lieten ze alles achter en volgden hem.

Zingen: Lied 532,1.3.5.6

Uitleg en verkondiging

  

Meditatieve muziek

Zingen: Wil je opstaan, coupletten 1 en 4 en 5
(Tekst: John L. Bell, G. Maule; vert. G. Lubbers)

Wil je opstaan en Mij volgen als Ik noem je naam?
Wil je dienen in ‘t verborgen, zonder roem of faam?
Wil je leven op de wind,
broos en kwetsbaar als een kind?
Zul je geven wat Ik vind in jou en jij in Mij?

Wil je zien dat wat Ik zie: jouw gaven velerlei!
Wil je luist'ren als Ik zeg: 'Een koningskind ben jij!’ Wil je geven wat je hebt,
dat de wereld zich herschept
en mijn leven wordt gewekt in jou en jij in Mij?

Heer van liefde en van licht, vervul mij met uw Geest.
Laat mij zijn op U gericht, en maak mij onbevreesd.
Dat ik in uw voetspoor ga,
uw ontferming achterna,
en met lijf en ziel besta in U en Gij in mij.

GEBEDEN EN GAVEN

Gedachtenis de heer Jan Vlot

Zingen: De Heer heeft mij gezien en onverwacht
(Tekst Huub Oosterhuis)

1De Heer heeft mij gezien en onverwacht
ben ik opnieuw geboren en getogen.
Hij heeft mijn licht ontstoken in de nacht,
gaf mij een levend hart en nieuwe ogen.
Zo komt Hij steeds met stille overmachten
zo neemt Hij voor lief mijn onvermogen.

Gedachtenis de heer Kees Dubbeldam

3Gij geeft het uw beminden in de slaap,
Gij zaait uw Naam in onze diepste dromen.
Gij hebt onszelf ontvankelijk gemaakt,
zoals de regen neerdaalt in de bomen,
zoals de wind, wie weet waarheen hij gaat,
zo zult Gij uw beminden overkomen.

Zingen: Gezang 487,3

Pastorale mededelingen

Over de collecte

Gebeden
v.:    ….zo bidden en zingen wij:  lied 368c
Stil gebed – Onze Vader

Slotlied: Lied 418,1.2.3

Zegen

Bij de uitgang worden uw gaven gevraagd voor de kerk en de diaconie

Orgelspel